De Noordelijke buidelmarter leeft in Noord-Australië. Hij leeft er vooral in
de e
ucalyptusbossen
en in rotsachtige gebieden. Het is de kleinste maar ook de agressiefste soort
van de vier buidelmarters. Met de komst van de mens is het aantal buidelmarters
sterk afgenomen.
Meestal leeft de noordelijke buidelmarter in de buurt van water. Hij eet reptielen, wormen, mieren, termieten, sprinkhanen, kevers en hun larven, motten, honing, fruit en kleine zoogdieren. Omdat hij zelf nogal stinkt werd hij door aboriginals niet veel gegeten. Ook de dingo, een Australische wilde hond, eet hem meestal niet.
De paartijd is in juni. Het vrouwtje krijgt in juli een tot acht jongen. Ze heeft zes tot acht tepels.
Het mannetje is 12,3 tot 31,0 cm lang, zijn staart is 12,7 tot 30,8 cm lang en hij weegt 400 tto 900 gram. Het vrouwtje is 12,5 tot 30,0 cm lang, haar staart is 20,0 tot 30,0 cm lang en ze weegt 300 tot 500 gram.